Partijen bij de CAO voor de Houtverwerkende Industrie:
de werkgeversverenigingen
Vereniging HAS, gevestigd te Tilburg;
Vereniging van Nederlandse Borstelfabrikanten, gevestigd te Tilburg;
Nederlandse Emballage- en Palletindustrie Vereniging, gevestigd te Tilburg alsmede
Nederlandse Vereniging van Klompenfabrikanten, gevestigd te Liempde
enerzijds en
de werknemersverenigingen
FNV Bouw, gevestigd te Woerden alsmede
CNV Hout en Bouw, gevestigd te Odijk
anderzijds
zijn, in vergadering bijeen op 27 juni 2008 te Waalwijk, gekomen tot een principe-akkoord voor de CAO voor de Houtverwerkende Industrie (hierna: de CAO). Uitgaande van en in aanvulling op de CAO 2007-2008 zijn zij overeengekomen als volgt:
1. Looptijd
De CAO heeft een looptijd van 1 mei 2008 tot en met 30 april 2010. De CAO eindigt van rechtswege na het verstrijken van de looptijd.
2. Loon en beloning (artikel 10)
2a Loonsverhoging
Artikel 10
De lonen als omschreven in artikel 10 worden als volgt verhoogd:
Met ingang van 1 augustus 2008 2,5%
Met ingang van 1 januari 2009 1,0%
Met ingang van 1 juli 2009 2,0%
Met ingang van 1 januari 2010 1,0%
Artikel 10a
Artikel 10a (Loonsverhoging leidinggevend en administratief personeel) wordt als volgt gewijzigd:
1. Voor personeel behorend tot de categorieën, zoals genoemd in artikel 2, aanhef en sub a, b, c en d, met een uurloon hoger dan het maximum van loongroep 5, geldt de helft van de bij deze CAO overeengekomen loonsverhogingen. De loonsverhogingen voor deze categorieën gelden voor het feitelijke uurloon.
2. Voor personeel behorend tot de categorieën, zoals genoemd in artikel 2, aanhef en sub a, b, c en d, met een uurloon tot het maximum van loongroep 5, gelden de bij deze CAO overeengekomen loonsverhogingen.
2b Ziektekosten
Werknemers ontvangen op 1 juli 2008 (uitbetaling uiterlijk 1 september 2008) resp. 1 juli 2009 een éénmalige tegemoetkoming van € 75 resp. € 100 indien zij een polis van een aanvullende ziektekostenverzekering kunnen overleggen waarin fysiotherapie is opgenomen.
2c Toeslagen en vergoedingen
De toeslagen uit artikel 11 en de vergoedingen uit artikel 12 worden met ingang van 1 juli 2008 resp. 1 juli 2009 met 3,5% resp. met 3,0% verhoogd.
3. Reiskostenvergoeding (artikel 13)
De tabel van artikel 13 wordt als volgt gewijzigd:
| |
Per 1 juli 2008 |
Per 1 juli 2009
|
| Enkele reisafstand |
Vergoeding |
Vergoeding |
| 0 t/m 10 km |
€ 0 |
€ 0 |
| 11 t/m 15 km |
€ 80 |
€ 85 |
| 16 t/m 20 km |
€ 105 |
€ 110 |
| 21 km of meer |
€ 140 |
€ 145 |
4. Uitkering bij ziekte (artikel 27)
De werkgever is niet gehouden bovenwettelijke aanvullingen van de loondoorbetaling bij ziekte in het eerste jaar van ziekte 100% te voldoen, indien er sprake is van arbeidsongeschiktheid door eigen schuld of toedoen.
Van arbeidsongeschiktheid door eigen schuld of toedoen is sprake indien door een bedrijfsarts is vastgesteld dat de arbeidsongeschiktheid een gevolg is van activiteiten waarvan de werkgever meermalen schriftelijk heeft aangegeven dat de werknemer deze dient te staken, omdat deze in het verleden aantoonbaar zodanige schade aan de werknemer hebben toegebracht dat daardoor arbeidsongeschiktheid ontstond.
5. Leeftijdsbewust personeelsbeleid
Werkgever en werknemer hebben er belang bij dat werknemers tijdens de verschillende levensfasen werkzaam kunnen zijn en blijven in de sector. Op kosten van het Sociaal Fonds voor de Houtverwerkende Industrie zal onderzocht worden welke belemmeringen er zijn en welke maatregelen sociale partners kunnen nemen om deze weg te nemen.
6. Deeltijdarbeid
In de CAO zullen de wettelijke rechten van werknemers op aanpassing van de arbeidsduur worden opgenomen.
7. Uitzendarbeid
CAO-partijen willen dat in de sector uitsluitend gewerkt wordt met betrouwbare uitzendbureaus die zowel Nederlandse als buitenlandse uitzendkrachten op tijd lonen betalen en premies afdragen, alsmede met uitzendbureaus die uitsluitend met legale werknemers werken. Daarom mogen werkgevers uitsluitend uitzendbureaus inlenen die wet- en regelgeving correct toepassen. Hiertoe behoren onder andere uitzendbureaus die:
• opgenomen zijn in het Dé Norm-register, of
• werken volgens de NEN-norm 4400-I, of
• aantoonbaar op gelijkwaardige wijze werken.
8. Scholing en EVC
8a Scholing
Artikel 18 lid 8 wordt als volgt aangevuld:
1. De werkgever wordt verplicht een bedrijfsbreed scholingsbeleid te voeren dat in overleg met betrokken personeelsleden of Ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging tot stand komt. Met een maximum van 24 uur per full time werknemer per contractjaar (deeltijd naar rato). Indien dit beleid of de instemming van het personeel ontbreekt, worden de in artikel 18 lid 8 genoemde spaaruren uitgebreid van 10 naar 24 uur op full time basis (deeltijd naar rato) en blijven deze spaaruren 2 jaar staan, waarna tenminste de helft van het aantal spaaruren aan de werknemer wordt toegekend als zijnde extra verlofuren.
2. Als een werknemer schriftelijk afziet van de aangeboden scholing dan kan hij hier ook geen rechten aan ontlenen.
3. Werknemers die uit dienst treden nadat zij een opleiding hebben voltooid, moeten de opleidingskosten aan de werkgever vergoeden volgens onderstaande staffel:
- uitdiensttreding in het eerste jaar na de opleiding: 100% van de kosten
- uitdiensttreding in het tweede jaar na de opleiding: 2/3 van de kosten
- uitdiensttreding in het derde jaar na de opleiding: 1/3 van de kosten.
4. Werknemers die zonder geldige reden een opleiding afbreken, dienen de kosten daarvan aan de werkgever te vergoeden. De werkgever kan besluiten de voor de opleiding niet gewerkte dagen in te houden op de verlofdagen.
8b EVC
Partijen komen in een convenant overeen dat gedurende de looptijd van de CAO 20 werknemers in de houtverwerkende industrie de mogelijkheid krijgen om een diploma of certificaat van de in de praktijk verworven competenties te ontvangen. De kosten komen ten laste van het Sociaal Fonds voor de Houtverwerkende industrie.
De benodigde tijd komt als volgt beschikbaar:
• 24 uur vrijaf met behoud van loon, op basis van artikel 18 lid 8 CAO;
• 24 uur uit de vakantiedagen van de werknemer.
Indien deze tijd onvoldoende blijkt te zijn, vindt vergoeding van de resterende tijd plaats via het Sociaal Fonds voor de Houtverwerkende industrie.
9. Overige afspraken
• Artikel 27 lid 1 sub a: “netto-inkomen” wordt vervangen door “bruto-inkomen”.
• Artikel 18 lid 7 actualiseren (leerlingwezen wordt Beroepsbegeleide leerweg)
• Artikel 29 lid 1 actualiseren (wao wordt geschrapt)
• Artikel 32 actualiseren (bepaling over 2007 wordt geschrapt)