REACH, registratie chemische stoffen 

REACH, registratie chemische stoffen 

Pas op met chemische stoffen: laat ze registreren!
Op veel plaatsen werken mensen met chemische stoffen: in ziekenhuizen, schildersbedrijven, in de autobranche en natuurlijk in chemische bedrijven. Van kapper tot verpleegkundige, we krijgen er voortdurend mee te maken. Omdat chemische stoffen vaak gevaarlijk zijn, heeft de EU de registratie ervan verplicht.

Verf die verneveld wordt

 
De FNV steunt een internationale vakbondsactie om via pamfletten werkgevers op hun verplichtingen te wijzen. Door mee te doen aan de actie vergroot je de veiligheid voor jezelf en je collega’s.

REACH
REACH is een ingewikkelde Europese wetgeving over chemische stoffen, die belangrijke gevolgen heeft voor een grote groep bedrijven en dus ook voor werknemers. REACH staat voor Registratie, Evaluatie en Autorisatie van CHemische stoffen. De kern van deze wetgeving is dat een bedrijf dat chemische stoffen produceert, verwerkt of doorgeeft aan klanten ervoor zorgt dat veilig met de stof kan worden omgegaan.

Zelf verantwoordelijk
Bedrijven zijn zelf verantwoordelijk voor het veilig produceren, veilig in de handel brengen en veilig gebruiken van chemische stoffen. Het gaat hierbij niet alleen om producenten en importeurs van chemicaliën, maar ook om distributeurs en gebruikers, zoals drukkerijen, schildersbedrijven en andere ‘eindgebruikers’. Kortom, alle bedrijven die op enigerlei wijze met stoffen, stoffen in preparaten, of stoffen in voorwerpen te maken hebben.

Registratie
Een belangrijk onderdeel van REACH is dat bijna alle stoffen die in de EU worden geproduceerd of geïmporteerd in hoeveelheden van meer dan 1 ton per jaar moeten worden geregistreerd bij het Europees Agentschap voor chemische stoffen in Helsinki (ECHA).

Voor iedere registratie moet een technisch dossier worden opgesteld met vooraf omschreven gegevens over eigenschappen van de stof (geeft de stof bijvoorbeeld een allergische reactie bij inademing?), volume, wijze van gebruik, blootstelling, enzovoort. Veel chemische stoffen krijgen dus vanaf ‘hun geboorte’ bij de producent informatie mee.  En juist deze informatie is voor werknemers van groot belang, want de informatie moet door ‘de keten heen’, van producent naar gebruiker, worden meegestuurd.

Wat kunnen kaderleden en OR-leden in het eigen bedrijf doen?
1. Check of jij en de collega’s toegang hebben tot informatie: zitten er waarschuwingslabels op de verpakkingen? Zijn er VIB’s (in het Engels: Safety Data Sheet) beschikbaar?
2.  Begrijpen werknemers de labels, etiketten en VIB’s ook? Zo niet, eis dat dit alsnog gebeurt, bijvoorbeeld door hulp van een deskundige.
3. Als het VIB zgn. blootstellingsscenario’s bevat, waarin wordt verteld welke maatregelen moeten worden genomen om veilig met de stof te kunnen werken, check dan of deze maatregelen ook werkelijk zijn genomen.
4. Als er geen blootstellingsscenario is voor de wijze waarop de stof wordt gebruikt in het bedrijf, stel de werkgever hiervan op de hoogte en zeg hem dat hij niet voldoet aan REACH-verplichtingen.
5. Controleer of op de VIB een grenswaarde staat vermeld (een zgn. DNELL) en vraag de werkgever om uit te leggen hoe hij onder die DNELL-grenswaarde blijft.
6.  Kom je in het bedrijf kankerverwekkende, mutagene of reprotoxische stoffen tegen waarmee werknemers moeten werken, vraag je werkgever dan waarom hij dergelijke stoffen gebruikt: is dit echt nodig? Kunnen deze stoffen niet vervangen worden door minder schadelijke stoffen? Haal er desnoods een deskundige bij en bij onraad schakel de Arbeidsinpectie in.

 

Publicatiedatum: 04-10-2010



Lid worden
Ja! Ik word lid...