De meeste pensioenfondsen kennen de mogelijkheid om de opbouw van het pensioen nadat het dienstverband met de werkgever is beëindigd, toch voort te zetten via zogenaamde vrijwillige voortzetting. Iedere werkloze moet zelf beoordelen of het zinvol is om zijn pensioen vrijwillig voort te zetten.
Dat is vooral van belang voor:
- Arbeidsongeschikte werklozen
- Mensen die nog gebruik kunnen maken van zogenaamde overgangsregels voor vroegpensioen.
- Ook jongere werklozen doen er verstandig aan om een afweging te maken om wel of niet vrijwillig voort te zetten: op korte termijn zijn de kosten hoog, terwijl je inkomen tijdens WW veel lager is, tegenover een hoger ouderdomspensioen op langere termijn.
* Termijn vrijwillige voortzetting: u moet snel handelen: een verzoek voor vrijwillige voortzetting moet binnen drie maanden na het begin van uw werkloosheid bij het pensioenfonds waaronder u viel binnen zijn. Overschrijding van deze termijn kan vrijwel nooit meer worden hersteld.
Een aantal fondsen hanteren speciale aanvraagformulieren.
* Kosten vrijwillige voortzetting: Tijdens de periode van vrijwilige voortzetting betaalt u zelf de premie voor zowel het werknemers- als het werkgeversdeel. Dat kunnen dus nogal hoge kosten zijn. Een aantal pensioenfondsen hebben hiervoor berekeningsprogramma’s ontwikkeld, zodat u weet wet het kost (én wat het uiteindelijk oplevert).