Voorstellen Aedes voor de nieuwe CAO Woondiensten 2011 

Voorstellen Aedes voor de nieuwe CAO Woondiensten 2011 

Eerste voorstellen Aedes  


1 Eenjarige CAO
Voorgesteld wordt een éénjarige CAO Wooncliensten af te sluiten. Werkgevers en werknemers hebben nog betrekkelijk weinig tijd gehad om met de nieuwe afspraken uit de huidige CAO aan de slag te gaan. Daarnaast zijn het momenteel roerige tijden, onder andere op het gebied van de

pensioenen.

2 Pensioenregeling
Wij stellen voor dat een werkgroep van CAO-partijen zich vóór ‘l juli 2011 gezamenlijk buigt over a) de wijze om te komen tot een houdbare en betaalbare pensioenregeling en b) hierover een advies uitbrengt aan alle CAO-partijen. De inhoud van pensioenregelingen is voorbehouden aan CAO-partijen. Als één van de belangrijkste arbeidsvoorwaarden willen werkgevers dat CAO-partijen de kwaliteit van de pensioenregeling goed tegen het licht houden.

3 Salaris -instap salaris nieuwe instromers
Uit voorgaand beloningsonderzoek bleek dat de salarissen binnen corporaties relatief hoog zijn. Dit belemmert corporaties om nieuwe mensen in dienst te nemen. Tegelijkertijd belemmert het de employability. Medewerkers stappen vanwege het hoge salaris en overige arbeidsvoorwaarden minder snel over naar een andere bedrijfstak.

Wij stellen voor om de instap salarisbeclragen (tabel art 4.3.2 CAO) te verlagen met 5 procent. Hiermee vervolgen vve de ingeslagen koers in de vorige onderhandelingen (2009-2010). De onderkant van het loongebouvv ligt op een relatief hoog niveau in de markt. Het verlagen van de instap salarissen over de gehele linie, bevordert marktconforme salarissen.

4 Salaris - aanloopstappen salarisschalen
De aanloopstappen (artikel 4.4 CAO) zijn bedoeld voor nieuwe werknemers die nog niet volledig
aan de gestelde functíe~eisen voldoen.

Wij stellen voor om artikel 4.4 CAO te integreren in artikel 4.5 CAO. De tabel in artikel 4.5 CAO wordt dan uitgebreid met een rij aanloopstappen. Dit zijn salarisbedragen van de eerste _ aanloopstap uit artikel 4.4.3. CAO. Afhankelijk van de snelheid waarmee de medewerker zich de vereiste vaardigheden eigen maakt, 'springt' de werknemer naar een bedrag in de reguliere salarisschaal (dus geen verplicht tempo meer).

Daarnaast steilen wij voor om de aanloopstappen niet alleen te laten gelden voor medewerkers die nieuw in dienst komen, maar ook voor medewerkers die promotie maken,

Wat betreft de aanloopstappen stellen wij voor om de verplichte salarisstap (na een halfjaar) te verwijderen. Afhankelijk van de mate van groei naar de vereiste vaardigheden, kan de corporatie op een nader te bepalen datum een salarisstijging toekennen.

5 Opzegtermijnen
ln het kader van vereenvoudiging stellen wij voor cle artikelen 2.9 CAO en 2.10 CAO te verwijderen en de wettelijke regeling uit het Burgerlijk Wetboek (BW) te hanteren.

De huidige opzegtermijn voor de werkgever is maximaal acht maanden. stellen voor om de opzegtermijn te verkorten tot maximaal vier maanden. Dit geldt ook voor werknemers van 45 jaar en ouder (artikel 2.10.2 CAO wordt ook geschrapt). De opzegtermijn voor de werkgever wordt dan:

 Aantal jaren onafgebroken in dienst    Opzegtermijn
 Tot en met vier jaar     Eén maand
 Vanaf aanvang vijfde jaar tot en met negende jaar  Twee maanden
 Vanaf aanvang tiende jaar tot en met veertiende jaar  Drie maanden
 Vanaf aanvang vijftiende jaar of meer  Vier maanden


Wij stellen voor om als wettelijke opzegtermijn één maand voor de werknemer te hanteren. in de huidige CAO is de opzegtermijn voor een werknemer maximaai drie maanden. In de praktijk heeft een dergelijk lange opzegtermijn meestal geen positief effect. Een werknemer die heeft opgezegd, vi/ii vaak eerder weg en is minder gemotiveerd.

6 Uitzendkrachten
Wij stellen voor om aan artikel 2.7 CAO toe te voegen dat de periodes die een uitzendkracht bij een woningcorporatie heeft gewerkt, worden geteld als één keten in het kader van de wettelijke
ketensystematiek (art 7:668a BW).

De huidige wettelijke regeling steit dat een corporatie alleen een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd mag aanbieden aan een uitzendkracht, wanneer deze al drie achtereenvolgende uitzer\d(arbeids­)overeenkomsten bij deze corporatie heeft gewerkt. Kortom, dan 'zit de corporatie aan deze medewerker vast'.

Wij stellen voor om in de CAO Woondiensteri te regelen dat alle periodes waarin de uitzendkracht via elkaar opvolgende uitzend(arbeids-)overeenkomsten heeft gewerkt, als één periode (keten, zoals bedoeld in het BW) wordt geteld. Hierdoor krijgt de corporatie meer flexibiliteit.

7 Aanvulling WW
Wij stellen voor om artikel 2.12 lid 2 CAO te laten vervallen. Er is namelijk geen objectieve reden voor het nu bestaande onderscheid tussen lid 1 en lid 2.

Er is onvoldoende reden om het leeftijclsonderscheid tussen werknemers, zoals bedoeld in lid 1 en lid 2, te handhaven. Het voorstel is om de regeling uit lid 1 eveneens voor 60-plussers van toepassing te laten zijn.

8 Schadeloosstelling wegens inkrimping of interne reorganisatie
Wij stellen voor om artikel 2.13 CAO te laten vervallen. Op grond van artikel 2.14 CAO raadpleegt de werkgever de werknemersorganisaties namelijk in geval van bijvoorbeeld inkrimping of interne reorganisatie. ln die situaties zijn werkgever en vakbonden altijd in staat om deugdelijke sociale plannen te maken. Hierdoor heeft artikel 2.13 CAO geen toegevoegde waarde.

Artikel 2.13 CAO schrijft voor wat de vergoeding is bij inkrimping of reorganisatie. Daarmee blijft er per individueel geval minder financiële ruimte over om andere financiële (stimulerings)maatregelen te nemen. Artikel 2.14 CAO biedt de ruimte om op onclernemingsníveau maatvverkafspraken te maken om de gevolgen van inkrimping of reorganisatie op te vangen.

9 Ondernemingsraad
Wij steilen voor artikel 11.3 CAO zodanig aan te passen dat pas vanaf vijftig werknemers een
Ondernemingsraad (OR) moet worden ingesteld.

De Wet op de Ondernemingsraden (WOR) verplicht tot het instellen van een OR vanaf vijftig werknemers. De huidige verplichting in de CAO om een OR in te stellen bij tien werknemers wijkt af van de WOR, Wij stellen voor om de CAO aan te passen aan de WOR..

10 Functiegebonden kostenvergoeding
Wij steiien voor om artikel 6.2.4 CAO (kiiometervergoeding) aan te passen. Het in de huidige CAO gewijzigde artikel kent een minimum vergoeding van 25, per dag. Zeker bij weinig dienstkilometers per dag is dit een onredeiijke regeiing.

Het artikel 6.2.4 CAO is bij de laatste CAO-onderhandelingen gewijzigd. ln de praktijk blijkt echter dat er regelmatig kleine afstanden worden gereden. Hierdoor zorgt de rninimumvergoeding van 25,- per dag tot onredelijke uitkomsten en hoge kosten.

11 Verlofuren budget
Wij stellen voor om de verlofuren uit hoofdstuk zeven CAO (met uitzondering van de uren in artikel 7.2.1CAO) en het buitengewoon verlof uit hoofdstuk acht CAO, op te nemen in één verlofurenbudget. Bij het buitengewoon verlof blijven verlof bij overlijden, uitvaart en ziekenhuisopname en/of artsbezoek gewoon geregeld.

De CAO kent verschillende soorten verlof. Afhankelijk van de situatie heeft een werknemer recht op een vorm van buitengewoon verlof of op één of meer bronnen van vakantie-uren. Deze regelingen zijn niet alleen onoverzichtelijk, maar sorns ook in strijd met de Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd. Het verlofurenbudget speelt daarnaast in op de trend van individualisering.

Wij stellen voor om één verlofurenbudget te creëren. De omvang van cle extra verlofuren die ontstaan door de afschaffing van veel regelingen wordt berekend op grond van cijfers uit de branche.

12 Extra roostervrije uren 55+ medewerkers
Wij stellen voor de mogelijkheid voor werknemers van 5Sjaar en ouder om uit hun Ioopbaanontwikkelingsbudget uren te kopen, af te schaffen. Het past niet in de huidige tijd van langer doorwerken en inzetbaar blijven. Daarnaast is het in strijd met de Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd,

13 Loondoorbetalîng bij ziekte
Wij stellen voor om in het eerste ziektejaar een prikkel in te bouwen. De 100 procent loonbetalíng in het le ziektejaar moet worden losgelaten. Het voorstel is om: eerste zes maanden: 100 procent loondoorbetaling tweede zes maanden: 90 procent loondoorbetaling vanaf het tweedejaar: de huidige CAO bepaling handhaven (= 70 procent eventueel 20 procent aanvulling)

14 Monitoren loopbaanontwikkelingsbudget
Wij stellen voor om binnen cle sector te monitoren aan welke opleidingen het loopbaanbuclget wordt besteed, en zo mogelijk de effectiviteit van het loopbaanbudget te meten.

Redactionele concept CAO voorstellen 2011

1 AVV
De CAO-teksten worden voor zover nodig redactioneel aangepast zodat algemeen verbindend
verklaring kan worden gerealiseerd.

2 Belastingdienst
De CAO teksten worden voor zover nodig redactioneel aangepast naar aanleiding van de fiscale
beoordeling van de CAO door de Belastingdienst.

3 Wet Gelijke Behandeling op grond van leeftijd
Een aantal CAO-bepalingen is in strijd met de Wet Gelijke Behandeling op grond van leeftijd die in mei 2004 in werking is getreden. De wet verbiedt een onderscheid naar leeftijd tenzij er sprake is van een objectieve rechtvaardiging. ln aanvulling op de inhoudelijke werkgeversvoorstellen die ertoe leiden dat leeftijdsnormen worden geschrapt, moeten ook de volgende worden aangepast of geschrapt: artikel 3.5.3, 3.8.2 en 6.8.2.

4 Artikel 1.1.3 (Algemene bepalingen)
De bepaling is indertijd opgenomen om een juridische basis te bieden bij de verzelfstandiging van gemeentelijke vvoonbedrijven of overgang van onderneming waarbij het personeel van de overgenomen onderneming onder de werking vait van een andere CAO. Het minimumkarakter van de CAO staat tevens afwijking van de CAO ten positieve niet langer in de weg. Daarmee is de bepaling overbodig geworden en kan deze komen te vervalien.

5 Artikel 1.8 CAO (Commissie Gelijkstelling Werkgevers)
Aan artikel 1.8.2 CAO wordt toegevoegd dat CAO-partijen ook het beoordelen van een verzoek tot opzegging van de gelijkstelling opgedragen hebben aan de Commissie Gelijkstelling Werkgevers.

6 Artikelen 10.3 tot en met 10.9 CAO (Loopbaanontwíkkelíngsbudget)
De CAO-bepalingen over het loopbaanontvvíkkelingsbudget zijn soms onnodig complex en moeilijk te doorgronden. Om tegemoet te komen aan de behoefte van met name stellen wij voor om de teksten waar mogeiijk Ieesbaarder te maken zonder daarbij het karakter van het Ioopbaanontwikkelingsbudget te veranderen.

7 Artikel 1.6 tot en met artikel 1.8 en bijlagen 1 en 2 CAO (Geschillenregelingen functie­indeling Handboek)
De werkgroep vereenvoudiging CAO heeft voorgesteld om na te denken over de inrichting van de procedure en (verschillende) commissies bij functieclassificatiegeschillen. Een optie daarbij is dat functieclassificatiegeschillen net als ten tijde van het systeem kunnen worden gedaan door de Commissie interpretatie en Dispensatie. Bij de werkgroep was de vraag ontstaan of een interne geschillencommissie Handboek -verplicht als 35 of meervverknemers in dienst zijn bij de corporatie- nog langer ófjuist nodig is bij functieclassificatiegeschillen_ Een interne geschillencommissie Handboek als bezvvarencommissie is vooral ingevoerd in het kader van de overgang van het ll\/IF-systeem naar het Handboek. Nu deze overgang heeft plaatsgevonden is de vraag ontstaan of een interne procedure nog nodig is. Naast de interne geschillencommissie bestaat De Commissie Geschil en Onderhoud Handboek -zie artikel 1.6 CAO, waar geschillen worden behandeld die bij interne geschillencommissie al zijn behandeld en geschillen zich afspelen bij werkgevers die minder dan 35 werknemers in dienst hebben. Aedes stelt voor beide commissies samen te voegen.

8 Artikel 6.7 CAO (Reiniging kleding)
Het betreffende artikel was gerelateerd aan de vuil werk­systernatiek in de CAO en gekoppeld aan het IMF-systeem omdat vuil werk daar niet in de weging van de functie werd meegenomen. ’Vuil werk’ is nu verdisconteerd in de weging van het gezichtspunt 'Fysieke aspecten’ in het Handboek functie-indeling vvoondiensten. Het artikel kan daarom worden geschrapt.

9 Artikel 7.1.2 CAO (Afkoop bovenwettelijke uren)
Afkoop van bovenwetteìijke vakantieuren is ai geregeld in art. 7:6340 lid 2 BVV.
Vanwege dubbelíng met de wet kan deze verwijderd worden (advies werkgroep).

10 Artikel 13.5
Dit staat al ln formele wetgeving (V\/OR), dus daarom kan dit artikel vervallen.

11 Artikel 13.2.1 en 13.2.4
Dit is een dubbeling. Daarom wordt voorgesteld artíkel13.2.4 te laten vervallen.

Publicatiedatum: 21-12-2010



Lidmaatschap
Word nu lid